Posts tonen met het label Jaarverslag 2008. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jaarverslag 2008. Alle posts tonen

dinsdag 20 oktober 2009

Inleiding

Het Meldpunt Discriminatie Internet (MDI) is een particuliere Nederlandse organisatie die poogt discriminatie tegen te gaan op Nederlandse websites en op websites die op Nederland zijn gericht. Het MDI is een onderdeel van de te Amsterdam gevestigde stichting Magenta, en wordt erkend door de Branchevereniging Nederlandse Internet Providers (NLIP). Het MDI werd op 21 maart 1997 in het Amsterdamse debatcentrum De Balie officieel geopend door toenmalig minister Dijkstal van Binnenlandse Zaken. Het wordt volledig gefinancierd door het ministerie van Justitie. (wikipedia)

De naam is slim gekozen. Wie is er immers niet tegen discriminatie?

Twijfel.
Het Meldpunt Discriminatie Internet ligt al vanaf de oprichting onder vuur. Een aardig overzicht van de kritiek die het MDI in de beginjaren over zich heen krijgt is bijeen verzameld op Uitingsvrij.

Ook dan al wordt de autoriteit van het MDI in twijfel getrokken: "Allereerst is toetsing aan de wet natuurlijk voorbehouden aan de rechter, niet aan het Meldpunt. De rechter is de enige instantie die een oordeel kan vellen over de toelaatbaarheid van publieke uitingen, juist omdat er altijd sprake is van een delicate afweging tussen verboden en rechten - in casu: van het discriminatieverbod versus de vrijheid van meningsuiting."
(Karin Spaink - De eigenrichting van het MDI in netkwesties editie 76, 31 december 2003)

Discriminatie.
Een punt dat veelal over het hoofd wordt gezien is het feit dat discriminatie op internet helemaal niet bestaat. Het internet is bij uitstek een plaats waar een mens niet beoordeeld wordt op ras, geslacht, leeftijd, seksuele geaardheid, religie of een eventuele handicap. Een dergelijk kenmerk wordt immers pas bekend als de internetgebruiker het zelf bekend maakt. Van discriminatie op internet kan dus geen sprake zijn.
De artikelen van het Wetboek van Strafrecht die (volgens het MDI) discriminatie op het internet strafbaar stellen reppen dan ook helemaal niet over discriminatie.
Het gaat over groepsbelediging (art. 137c Sr), aanzet tot haat tegen of discriminatie van mensen of gewelddadig optreden tegen persoon of goed van mensen wegens hun ras, hun godsdienst, etc. (art. 137d), over uitingen die beledigend zijn, of aanzetten tot haat tegen of discriminatie van mensen of gewelddadig optreden tegen persoon of goed van mensen wegens hun ras, hun godsdienst, etc. (art. 137e), over deelname of geldelijke of andere stoffelijke steun verlenen aan activiteiten gericht op discriminatie van mensen wegens hun ras, hun godsdienst, etc. (art. 137f) of over het in de uitoefening van een ambt, beroep of bedrijf opzettelijk discrimineren van personen wegens ras (137g).
Dat laatste artikel is een beetje vreemd want als discrimineren verboden is, is het dat natuurlijk ook in de uitoefening van een ambt, beroep of bedrijf. En waarom alleen wegens ras?
Maar in de Newspeak van het Meldpunt Discriminatie Internet worden de beledigingen en de 'aanzetten tot...' allemaal onder de noemer 'discriminatie' gebracht.

Werkwijze van het MDI.
Het sleutelwoord is intimidatie. Het MDI ontvangt een klacht van een internetgebruiker die zich stoort aan een uiting, beoordeelt de klacht en als het MDI de klacht valide vindt wordt er een dreig-email naar de websitebeheerder of moderator gezonden. In de meeste gevallen geeft de moderator gehoor aan het verzoek om de uiting te verwijderen. De meeste moderatoren hebben immers weinig kennis van zaken over de wetgeving en zijn zich niet bewust van het feit dat het Meldpunt Discriminatie Internet geen enkele autoriteit heeft en dat slechts de rechter - en niet het MDI - kan en mag beslissen over de strafbaarheid van een uiting. Om problemen te voorkomen halen de moderatoren een gewraakte uiting meestal maar gewoon weg waarbij ze zich niet vermoeien met de vraag of het verwijderingsverzoek van het MDI gegrond was. En juist daar gaat het bij het MDI namelijk regelmatig mis.

Projecten.
Het Meldpunt Discriminatie Internet heeft in 2009 een rapport "Rechtsextremisme op het Internet" samengesteld en gepubliceerd. 'Extreem rechts' moest opnieuw op de kaart gezet worden want de bruinhemden waren volgens het MDI 'springlevend'. Deze marginale groep, die alleen maar in het nieuws kwam als een demonstratietje van ze gewelddadig verstoord werd door extreem links, mocht namelijk niet uit het collectieve geheugen van het publiek verdwijnen. Hoe kunnen de politieke tegenstanders van het MDI immers in de extreemrechtse hoek geduwd worden als niemand meer weet of extreemrechts nog wel bestaat?

Sinds kort houdt het MDI zich ook bezig met het indoctrineren van de jeugd. De website RU4REAL? is geheel op jongeren gericht. Niet alleen moet het de jongelui blijkbaar bijgebracht worden dat niet alle uitingen zo maar wenselijk zijn op het internet, het wordt ze ook geleerd dat ze ongewenste uitingen vooral moeten gaan melden bij het MDI. Zo wordt een hele generatie die tot dusver vrij laconiek met vermeend kwetsende uitingen omging gedrild tot een contingent verklikkers en benauwde zelfcensoren.
Mohammed Bouyeri gaf met de moord op Theo van Gogh het eerste zetje richting zelfcensuur. Het Openbaar Ministerie gaf (in samenwerking met het MDI) met de brute arrestatie van Gregorius Nekschot de tweede duw en het MDI maakt het nu af met het planten van angst en wantrouwen in de kinderhersentjes. Ostalgie (het terugverlangen naar de DDR-dictatuur) blijkt een succesvol exportproduct te zijn.

Blog.
Dit blog tracht informatie te verstrekken over de werkwijze, de politieke motieven en de resultaten van het Meldpunt Discriminatie Internet door middel van het uitgebreid bespreken van vrijwel alle casus van de afgelopen paar jaren en met een uitgebreide bespreking van de informatie die het MDI zelf naar buiten brengt via de website, het Jaarverslag en het onlangs verschenen rapport Rechtsextremisme op het internet.
Er komt een ontluisterend beeld van incompetentie, ideologisch geïnspireerde willekeur en intimidatie als werkmethode naar voren. En - recentelijk ook - indoctrinatie van de jeugd.

Indeling van het blog.
Het bovenste artikel van dit blog is altijd deze inleiding.
Het volgende artikel is het meest recente artikel (het nieuws)
Daaronder staat - vast - het artikel Tips voor Moderatoren en Websitebeheerders.
Vervolgens komen de artikelen die ieder een casus behandelen, de besprekingen en enkele satirische columns. Te lezen van boven naar beneden.

Het MDI-watch team.

maandag 12 oktober 2009

MDI Jaarverslag 2008

Het Meldpunt Discriminatie Internet heeft het jaarverslag 2008 gepubliceerd en bericht daarover nogal tendentieus dat 'Meer dan helft gemelde strafbare uitingen op internet gericht tegen Moslims, Marokkanen en Turken' is. Dat de cijfers nauwelijks afwijken van die van de voorgaande drie jaren wordt natuurlijk niet gemeld: de toon is gezet.

MDI publiceert Jaarverslag 2008

Meer dan helft gemelde strafbare uitingen op internet gericht tegen Moslims, Marokkanen en Turken
In 2008 ontving het Meldpunt Discriminatie Internet (MDI) melding van 899 strafbare uitingen. Deze strafbare uitingen betroffen in 524 gevallen belediging van Moslims, Marokkanen en Turken. Dit blijkt uit het jaarverslag 2008 van het MDI dat vandaag is gepubliceerd. Met name nieuwsberichten waarin etniciteit of afkomst genoemd werden ontlokten strafbare uitingen in de reacties. Daarnaast blijft antisemitisme een probleem; waar vroeger extreemrechtse sites verantwoordelijk waren voor de grote meerderheid van antisemitische uitingen, wordt dit type uitingen nu vaak aangetroffen op mainstream interactieve websites. In 2008 zijn vier zaken waarin het MDI aangifte deed voor de rechter gebracht. In drie zaken volgde veroordeling, in de vierde zaak werd de verdachte vrijgesproken maar ging het OM in hoger beroep. In deze laatste zaak concludeerde de rechtbank dat de uiting “De islam is in Nederland en de rest van de Westerse landen wel degelijk een probleem. Met een invasie van meer dan 1 miljoen berberapen kunnen we spreken over een dreigende Derde Wereldoorlog. Nazi’s waren daar niks bij” niet beledigend is. Deze overweging is naar inzicht van het MDI onbegrijpelijk en onjuist. Het percentage uitingen dat na een verzoek van het MDI wordt verwijderd is licht gestegen naar 92%; het lukt het MDI steeds beter om strafbare content verwijderd te krijgen. Het MDI benadrukt echter dat het van groot belang is voor de websites om zelf actief te modereren en niet een verzoek van het MDI af te wachten. MDI Jaarverslag 2008 (pdf)
Die ene zaak waarbij de verdachte vrijgesproken werd en het OM in hoger beroep ging is die tegen poster Joshadam/Polinco

Het hoger beroep, geëntameerd door de Officier van Justitie, dient op de 9e november 2009 9.30u voor het Gerechtshof te Amsterdam waarin de advocaat-generaal bij het Gerechtshof de wel-openbaarheid bewezen wil zien. Hier bevroedt men al dat deze strafzaak een hoger doel zal dienen: door middel van jurisprudentie duidelijkheid verkrijgen over de juridische status van het Internet en fora met betrekking tot de vrijheid van meningsuiting als vermeld in artikel 10 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. (bron: wikipedia)

Het is niet voor niets dat het MDI het hoger beroep tegen Joshadam/Polinco zo prominent behandelt bij de presentatie van het jaarverslag: het MDI wil daarmee zeggen: "Kijk, we winnen bijna alle rechtszaken en als we verliezen gaan we in beroep": intimidatie, het enige waar het MDI goed in is. Op het vlak objectiviteit, beoordelingsvermogen, communicatie en verantwoordelijkheidsbesef presteert het MDI abominabel.

Hieronder wordt het jaarverslag 2008 integraal besproken.

Een tweede bespreking van het jaarverslag 2008 vindt u op misdefinitie.nl

Leefbaarheid En Tolerantie. Bespreking MDI Jaarverslag Deel 1



Het eerste deel van de bespreking van het MDI Jaarverslag 2008 en het gaat meteen al fout, want de titel van het verslag luidt:
"Voor een leefbaar en tolerant Internet"

Leefbaar Utrecht, Leefbaar Nederland, Leefbaar Rotterdam, het begrip 'leefbaar' wordt over het algemeen gebruikt als een uitdrukking voor een prettige woonomgeving. Welnu, aan een woonomgeving zit men min of meer vast: er valt niet aan te ontsnappen.
Met het internet is dat duidelijk anders: de gebruiker kan elk moment besluiten te stoppen of binnen het internet te verhuizen (verder te surfen). De factor vrijwilligheid bij het internetgebruik is zo groot en zo wezenlijk verschillend van een woonomgeving dat het gebruik van de term 'leefbaar' volstrekt misplaatst is.

Die vrijwilligheid brengt ook tolerantie met zich mee: een verstandige internetgebruiker zal zich er voortdurend van bewust zijn dat het aanbod divers is en zich niet snel druk maken over uitingen op het internet. Dat is nu juist niet wat het Meldpunt Discriminatie Internet propageert: het meldpunt biedt zich aan als klachtenbus voor de intoleranten en toont zich - op jacht naar resultaten die de subsidiestroom kunnen legitimeren - bij de afhandeling van de meldingen verre van tolerant.

Na deze valse start vervolgt het jaarverslag met een colofon, een lijstje medewerkers en de inhoudsopgave. Daarna komt het overzicht:

1. MDI Jaarverslag 2008 : een overzicht
2008 in het kort: het MDI ontving meer meldingen dan in 2007; van Haat tegen moslims en antisemitisme zijn evenals de afgelopen jaren de meeste meldingen gedaan; websites waren vaker bereid strafbare uitingen te verwijderen; de strafrechtelijke aanpak van discriminatie op het internet verbetert: er is een aantal zaken van het MDI in 2008 voor de rechter gebracht Het MDI heeft in 2008 1226 meldingen ontvangen over 1501 unieke uitingen. Het aantal meldingen is [b]daarmee flink gestegen[/b] (1046 in 2007). Het aantal uitingen is licht gedaald (1581 in 2007). Het aantal uitingen dat het MDI als strafbaar heeft beoordeeld is afgenomen van 1078 naar 899.
Met dat 'flink gestegen' valt het wel mee. Het aantal meldingen in 2005 en 2006 was respectievelijk 1289 en 1135: het aantal meldingen in 2008 ligt slechts zes procent boven het gemiddelde van de drie voorgaande jaren en, zoals het MDI zelf zegt: 2008 was een roerig jaar (Fitna, Gregorius Nekschot en het in de MSM benoemen van het exotische straatmeubilair).





















Een vreemd tabelletje, dit. Aan de cijfers 1, 2, 3 en 4 zou men kunnen afleiden dat het hier de resultaten per kwartaal van 2008 betreft, maar het zijn toch echt de getallen van 2005, 2006, 2007 en 2008.
In 2008 was het MDI nog succesvoller dan in voorgaande jaren in het laten verwijderen van uitingen. Naast de kerntaken (bestaande uit meldingsafhandeling en aangiftebeleid) startte het MDI in 2008 onderzoeken naar extreem-rechtse websites en naar het moderatorenbeleid van interactieve websites.
In het kader van de demonisering hebben extreem-rechtse websites natuurlijk prioriteit bij het MDI. Het onderzoeken van extreem-linkse en islamitische websites levert immers geen subsidie op.

Discriminatiegronden en de cijfers
Tabel 1. Categorieën waarover het MDI in 2008 de meeste strafbare uitingen registreerde




















In vergelijking met de afgelopen jaren is het verschil in het aantal strafbare uitingen tussen de categorieën minder groot dan in eerdere jaren. In 2008 zijn, net als in 2007 veel minder uitingen geregistreerd die betrekking hebben op meerdere categorieën.1 In 2008 hadden de meeste uitingen betrekking op haat tegen moslims. 60% van deze uitingen werd als strafbaar beoordeeld. Dit percentage is relatief laag omdat veel gemelde uitingen betrekking hadden op de islam en niet op moslims. Uitingen tegen de islam zijn niet strafbaar gesteld, opzettelijk beledigende uitingen tegen moslims als groep wel. Van de gemelde uitingen werden de uitingen tegen Marokkanen en Turken het vaakst als strafbaar beoordeeld (beide in 88% van de gevallen). De meeste strafbare uitingen in 2008 zijn antisemitisch, zij het iets minder dan in de afgelopen twee jaar. De afgelopen jaren is het MDI op diverse plekken op het internet geconfronteerd met Haat tegen moslims en het aantal uitingen is in deze categorie dan ook het hoogst. Het aantal uitingen is wel lager dan in 2007. Dit is opvallend nu 2008 een woelig jaar was. Geert Wilders bracht de film Fitna uit die tot veel discussie over de islam en moslims leidde. Hierbij kan worden aangetekend dat de discriminatiegrond “Marokkanenhaat” juist is toegenomen. Nieuwsberichten over criminaliteit gepleegd door jongens met een Marokkaanse achtergrond ontlokten veelvuldig strafbare reacties. In 2008 is in het maatschappelijk debat en in sommige media sterk de nadruk komen te liggen op de afkomst van deze groep jongens en is het aantal discriminerende uitingen tegen Marokkanen als groep ook toegenomen.
Antisemitisme is, hoewel het aantal uitingen lager is dan vorig jaar, nog steeds een probleem op het internet. Waar vroeger extreemrechts verantwoordelijk was voor de grote meerderheid van de antisemitische uitingen, lijkt antisemitisme zich te verbreden. Veel vaker dan voorheen worden antisemitische uitingen aangetroffen op mainstream interactieve websites. Het uitbreken van de Gaza-oorlog heeft eind 2008 voor een opleving van antisemitische uitingen gezorgd.

1 Een uiting als: “Al die klotenegers en kutmarokkanen moeten het land worden uitgegooid” is één uiting, maar heeft betrekking op twee categorieën: ‘anti-zwart racisme’ en discriminatie van marokkanen.
Het is merkwaardig dat het MDI nog steeds de term 'strafbare uiting' hanteert. Daar gaat het MDI namelijk niet over: daarover oordeelt de rechter. 'Naar mening van het MDI strafbare uiting', 'mogelijk strafbare uiting' of 'vermoedelijk strafbare uiting' zijn de juiste uitdrukkingen. Maar dat intimideert wat lastiger..

"De meeste strafbare uitingen in 2008 zijn antisemitisch, zij het iets minder dan in de afgelopen twee jaar."
Er zijn 100 maal zoveel moslims als joden op de wereld. Er zijn tientallen islamitische landen en er is maar één Israël.

Waarmee deze statistische afwijking zowel gesignaleerd als verklaard is.
Ontwikkelingen in online discriminatie
Evenals in 2007 zijn profielenwebsites, met name Hyves, en de videosite YouTube een belangrijke bron van discriminerende uitingen. Al deze websites zijn bereid om met het MDI samen te werken, in de overgrote meerderheid van de gevallen lukt het dan ook om discriminerende uitingen op deze sites snel verwijderd te krijgen. In 2008 valt op dat ook een aantal moppenwebsites voor veel discriminerende uitingen zorgen. Jarenlang zijn over dit type sites weinig meldingen binnengekomen, maar in 2008 was dat anders. Alle uitingen op deze sites zijn ook op verzoek van het MDI verwijderd. Interactieve websites (waaronder interactieve weblogs en webfora) maken net als in 2007 het overgrote deel uit van de meldingen bij het MDI. In de grote meerderheid van de gevallen zijn het de bezoekers van websites die strafbare discriminerende uitingen doen. Het MDI verzoekt dan de beheerder, moderator of eigenaar van de website deze uitingen
te verwijderen en benadrukt dat het van groot belang is om zelf actief te modereren en niet een verzoek van het MDI af te wachten.

Het verwijderingspercentage ligt in 2008 op ruim 91%. Dit betekent dat 91% van de uitingen waarover een verzoek tot verwijdering is gestuurd ook daadwerkelijk is verwijderd.2 Dat cijfer ligt iets hoger dan vorig jaar (90%), maar iets lager dan de twee jaar ervoor (95% in 2005 en 97% in 2006 ). In 2005 en 2006 werden echter minder verzoeken tot verwijdering gestuurd. Naar een aantal websites werd geen verzoeken gestuurd omdat deze website, zo was de inschatting, deze uitingen niet zouden verwijderen. In 2007 en 2008 werden naar deze sites toch verzoeken gestuurd en vaak met succes. Omdat er veel meer verzoeken werden gestuurd werden er in 2008 per saldo meer uitingen verwijderd, ondanks het lagere verwijderingspercentage.3

2 Niet over alle strafbare uitingen wordt een verzoek tot verwijdering gestuurd. Zie hoofstuk 2 voor meer informatie.
3 In 2008 werd bij ruim 80% van de strafbare uitingen een verzoek verstuurd, in 2005 en 2006 werd slechts in 50 tot 60% van de gevallen een verzoek gestuurd.
"In 2007 en 2008 werden naar deze sites toch verzoeken gestuurd en vaak met succes."

Het MDI is dus, evenals in 2007, in de archieven gedoken om voor 2008 de cijfers wat op te krikken en een enigszins toonbaar resultaat te kunnen presenteren. Wie wat bewaart die heeft wat..

Strafrechtelijke aanpak discriminatie op het internet
In 2007 zijn er geen zaken van het MDI voor de rechter gebracht, in 2008 is dit wel het geval. Een gebruiker van een extreemrechts forum werd vrijsproken omdat de rechtbank het internet niet openbaar achtte. Diezelfde maand oordeelde het Gerechtshof in een andere zaak van een weblogger die zich op dezelfde argumenten beriep, dat het internet wel degelijk openbaar is. In augustus werd de beheerder van rechts-nationalistische nieuwssite veroordeeld voor de discriminerende uitingen in de comments op zijn site. Een maand later werd een gebruiker van YouTube veroordeeld voor het plaatsen van antisemitische afbeeldingen en video’s. Verder heeft een aantal andere zaken van het MDI waarin OM en politie onderzoek hebben gedaan veel aandacht gekregen in 2008, met name geldt dit voor de onderzoeken betreffende de cartoonist Gregorius Nekschot en weblog Geenstijl.
De 'gebruiker van een extreemrechts forum' is poster Joshadam met wie het MDI nog een appeltje te schillen had.
Die 'andere weblogger die zich op dezelfde argumenten beriep' is Ertan de homowerper.
De 'beheerder van rechts-nationalistische nieuwssite' is de 'kleine vis' rechtser.com.
De YouTube-gebruiker is vooralsnog onbekend.

Leefbaarheid En Tolerantie. Bespreking MDI Jaarverslag Deel 2

Westerse Vrijheden.

2. Activiteiten MDI: Meldingsafhandeling en aangiften.
De belangrijkste activiteit van het MDI is het afhandelen van meldingen. Hieronder wordt uitgelegd welke werkwijze het MDI hanteert bij het afhandelen van meldingen en het verzoeken tot verwijderen van uitingen. De cijfers per discriminatiegrond zijn terug te vinden in hoofdstuk 4 Discriminatiegronden en de overige cijfers in hoofdstuk 5 Resultaten in cijfers. Daarna wordt stilgestaan bij het aangiftebeleid van het MDI en worden alle aangiften kort besproken. Tot slot wordt uitgelegd wat in 2008 met de aangiften van het MDI is gebeurd.


2.1 Werkwijze MDI.
Het MDI ontvangt alleen meldingen per e-mail. Om een melding in behandeling te kunnen nemen, is het noodzakelijk om te weten welke uiting een melder discriminerend vindt en waar deze uiting zich op het internet bevindt. Als de uiting kan worden teruggevonden en in Nederland wordt gehost of op Nederland is gericht, dan toetst het MDI op basis van de wet en de jurisprudentie of de uiting ook strafbaar is. Als dat het geval is, dan wordt doorgaans een verzoek tot verwijdering gestuurd. Het MDI is in eerste instantie gericht op het laten verwijderen van discriminerende uitingen op het internet. Deze werkwijze levert op de korte termijn een duidelijk resultaat op: de gemelde uiting is niet meer online. Voor melders is het belangrijk om te zien dat het doen van een melding nut heeft. Daarnaast probeert het MDI beheerders van websites ertoe te bewegen de door hen beheerde sites te modereren en discriminerende uitingen zelf te verwijderen. Het sturen van verzoeken tot verwijdering is daartoe een belangrijk middel. Op deze manier hoopt het MDI discriminerende uitingen te voorkomen.
"Op deze manier hoopt het MDI discriminerende uitingen te voorkomen."

Het verwijderen van uitingen is natuurlijk iets anders dan ze voorkomen.
Hieruit blijkt dat het MDI hoopt de internetgebruikers op te voeden.
2.2 Verwijdering van uitingen.
Het MDI doet niet over alle gemelde strafbare uitingen een verzoek tot verwijdering. Als de uitingen op een website worden aangetroffen waar al een aangifte tegen loopt, dan worden de uitingen aan het aangiftedossier toegevoegd.
Merkwaardig. Hier moet de klagende internetgebruiker maar even op een houtje bijten, want het verzamelen van bewijsmateriaal blijkt belangrijker dan het opschonen van het internet.
Over 774 van de 899 gemelde strafbare uitingen is wel een verzoek tot verwijdering ingediend, dat is 86%. In 2007 was dit nog 80% en de jaren ervoor meestal tussen de 50 en 60%. In 2008 zijn dus relatief veel verzoeken tot verwijdering gestuurd, ook naar websites waar de verwijderbereidheid als zeer laag is ingeschat.
Waarom een lage verwijderbereidheid van een website een reden zou kunnen zijn om maar geen verwijderingsverzoek te sturen is een raadsel.
Van deze verzoeken zijn ruim 91% opgevolgd. Dat betekent dat het MDI in totaal ruim 78% van de gemelde strafbare uitingen van het internet heeft laten verwijderen. Dat percentage is hoger dan eerdere jaren, waar het meestal niet hoger was dan 60%. Van de overige 22% van de gemelde strafbare uitingen, is meestal aangifte gedaan of zijn de uitingen toegevoegd aan een reeds bestaand aangiftedossier.
Is zo'n 'bestaand aangiftedossier' een dossier dat hoort bij een aangifte die reeds gedaan is?
Of zijn er ook dossiers van voorgenomen aangiften?
Een verzoek tot verwijdering wordt bijna altijd verstuurd naar de eigenaar of beheerder van de website (zie hoofstuk 5 tabel 3). De provider zelf wordt vrijwel nooit benaderd omdat die veel minder bemoeienis heeft met de inhoud van een website. Bovendien heeft de ervaring geleerd dat als een website bij een provider offline wordt gehaald, die zeer snel bij een nieuwe provider weer online is.
Van het benaderen van een provider en het (tijdelijk) van het net halen van een website is één geval bekend: SIOE.
2.3 Aangiftebeleid.
Er wordt overwogen om aangifte te doen indien degene die verantwoordelijk is voor het plaatsen en/of het openbaren van een discriminerende uiting, niet wil meewerken aan verwijdering. Het MDI streeft er naar altijd een verzoek tot verwijdering te doen. Echter, bij sommige extreme uitingen, recidivisme of in andere gevallen, doet het MDI soms aangifte zonder een verzoek tot verwijdering te sturen.
"of in andere gevallen"

Het MDI blijft met opzet onduidelijk over de exacte omstandigheden die haar doen besluiten het verwijderingsverzoek achterwege te laten en creëert daarmee het door de MDI gewenste Kafkiaanse klimaat.
Angst en onzekerheid bij de potentiële slachtoffers...machtswellustelingen vinden daar hun genot in.

Een reden te meer om dit Machtsbeluste Dictatoriale Instituut zo spoedig mogelijk te ruimen.
Een spoedige afhandeling van aangiften en vervolging is van groot belang voor het werk van het MDI. Weliswaar is het MDI in eerste instantie gericht op het doen van verzoeken tot verwijdering, maar als deze procedure niet effectief blijkt is een adequate strafrechtelijke aanpak de enige manier om tegen strafbare uitingen op te treden.
Nu wordt er dan weer gesuggereerd dat de aangifte pas volgt als de procedure (het verwijderingsverzoek) niet werkt.

Een succesvolle afhandeling van aangiften is dus noodzakelijk als “stok achter de deur” voor het werk van het MDI. Daarnaast helpt jurisprudentie het MDI om uitingen beter te beoordelen. De belangrijkste reden voor een goede strafrechtelijke aanpak van discriminerende uitingen is om te laten zien dat niet alles mag op het internet: ook op het internet kent de vrijheid van meningsuiting grenzen. Het nadeel van een aangifte is dat er vaak jaren verstrijken tussen het moment van aangifte en een eventuele veroordeling. Juist voor discriminerende uitingen op het internet is het van belang dat een aangifte zo snel mogelijk wordt opgepakt. Discriminerende uitingen op het internet blijven immers staan, in tegenstelling tot de meeste uitingen die buiten het internet worden gedaan. Dit heeft tot gevolg dat mensen keer op keer kunnen worden beledigd door dezelfde uiting. Zeker nu met behulp van zoekmachines met gemak (en vaak onbedoeld) ‘oude’ uitingen kunnen worden opgeroepen is het zaak dat aangiftes snel worden opgepakt.
Dat zoekmachine-argument is bijzonder zwak. Wie gebruik maakt van een zoekmachine wéét dat hij onbedoeld op van alles kan stuiten. Wie daar niet tegen kan moet maar geen zoekmachine gebruiken.

2.4 Aangiften gedaan in 2008.
In 2008 deed het MDI zeven keer aangifte van overtreding van art. 137c t/m 137g van het Wetboek van Strafrecht. Van die zeven aangiften, zijn twee aangiften gedaan over uitingen op websites waar al eerder aangifte tegen is gedaan. Deze aangiften zijn bedoeld om nieuwe uitingen onder de aandacht te brengen van het Openbaar Ministerie, zodat deze kunnen worden meegenomen in een eventuele strafzaak. Per aangifte worden vaak vele uitingen die door het MDI als strafbaar zijn beoordeeld tegelijk meegenomen. Hieronder worden de zeven zaken kort besproken.

1. Fundamentalistische Hindoe
Al in 2006 heeft het MDI aangifte gedaan van uitingen op een website van iemand die zich een fundamentalistische hindoe noemt en vanuit die hoedanigheid vele bevolkingsgroepen op een zeer grove manier beledigt. Het MDI ontving hier meldingen over en heeft van de uitingen die als strafbaar werden beoordeeld aangifte gedaan. In 2007 werd de aangifte geseponeerd omdat verdachte niet toerekeningsvatbaar was. In 2008 deed het MDI toch opnieuw aangifte omdat de website nog online staat, het MDI meldingen bleef ontvangen en daarom graag een uitspraak van de rechter over de strafbaarheid van de uitingen wil. Met die uitspraak zou eventueel op een andere manier actie tegen de eigenaar van de site kunnen worden genomen.
Dit is nu zo'n geval waarin men wél de provider moet benaderen.
2.Satirische column over het randje.
Het MDI ontving begin april in een week tijd een enorme hoeveelheid meldingen van mensen die beledigd waren door een column op een grote Nederlands nieuwswebsite. Weliswaar waren de uitingen in de column waarschijnlijk satirisch bedoeld, het MDI kon zich toch voorstellen dat de uitingen wellicht strafbaar waren en heeft daarom verzocht de uitingen uit de column te verwijderen. Nadat dat werd geweigerd, is aangifte gedaan.
Nu.nl weigerde inderdaad te verwijderen. Nu is het artikel is niet verwijderd maar verstopt.
3.Fanatieke emailer.
Jarenlang stuurt een man uit Voorburg emails naar zijn lijst waar mensen vaak tegen hun wil op staan. Naar eigen zeggen verstuurt hij zijn emails naar 2600 mensen. In de emails gaat hij tekeer tegen moslims, “tweebenige beesten” volgens de man. Op verzoeken om van de lijst te worden uitgeschreven reageerde hij negatief. Nadat hier diverse meldingen over zijn ontvangen, heeft het MDI aangifte gedaan.
Dat is de verdachte wiens volledige naam het MDI aanvankelijk voluit publiceerde op haar website. Dat bericht is inmiddels verdwenen.
4. Nationalistisch hardcoreforum.
Al in 2006 is aangifte gedaan van antisemitische en racistische uitingen op een groot extreemrechts forum voor liefhebbers van hardcore muziek. Beheerders van het forum zijn al door de politie gehoord en waarschijnlijk wordt in 2009 de zaak voor de rechter gebracht. In 2008 heeft het MDI een aanvullende aangifte gedaan met recente uitingen van de betreffende website.
Het gaat hier om holland-hardcore (let op het educatieve plaatje bij het artikel op de MDI-website).
5. Extreemrechts postorderbedrijf.
In juni heeft het MDI aangifte gedaan tegen een website die enorme hoeveelheden nazistische producten ter verkoop aanbood. Het postorderbedrijf was gelieerd aan de extreemrechtse organisatie Blood&Honour en verkocht onder meer cd’s met nazimuziek waarin opgeroepen werd tot haat tegen joden, zigeuners en buitenlanders. Ook werd het spel “ZOG’s Nightmare 2” verkocht waarin de hoofdpersoon zoveel mogelijk joden en negers dood dient te schieten
Evenals recentelijk bij de NVU gaat het hier om consumentenbescherming.
6. Kritisch blog.
Naar aanleiding van meerdere meldingen verzocht het MDI de beheerder van een blog om een flink aantal discriminerende uitingen van zijn site te verwijderen. De beheerder schreef kritische teksten, maar met name allochtonen en moslims werden daarin beledigd. Toen de beheerder weigerde te verwijderen, deed het MDI aangifte. (4 In april 2009 is de zaak voor de rechter geweest en heeft de beheerder vrijgesproken. Ten tijde van het schrijven van het jaarverslag is nog niet bekend of het OM tegen de uitspraak in beroep gaat.)
Inmiddels heeft het OM besloten in beroep te gaan tegen misdefinitie.nl.
7. Politieke discussie ontspoort.
Eind 2008 deed het MDI aangifte tegen een politieke discussiesite waarop antisemitische uitingen werden gedaan. De eigenaar van de site gaf aan de bijdragen niet van zijn site te willen verwijderen, daarop werd aangifte gedaan.
Dit is de mysterieuze zaak tegen de beheerder van PolitiekDebat.
De - nu verwijderde - discussie op PolitiekDebat hebben we gevolgd. Op geen moment wordt duidelijk dat het MDI de beheerder een verwijderingverzoek heeft gezonden, maar de webbeheerder is nu zo bang geworden dat hij waarschijnlijk nooit meer uitsluitsel zal geven hierover.
2.5 Afhandeling aangiften in 2008.
Begin 2008 waren er 24 aangiften in behandeling bij het Openbaar Ministerie uit eerdere jaren. De oudste aangifte komt uit 2003. In de loop van 2008 zijn zeven aangiften geseponeerd. Van de zeven geseponeerde aangiften zijn er vijf geseponeerd wegens ouderdom. De aangifte van uitingen op de website radioislam.org is geseponeerd omdat het Openbaar Ministerie er, mede gezien het internationale karakter van de website, niet in is geslaagd de personen achter de website te traceren5. De aangifte van een uitspraak van Wilders is geseponeerd omdat het Openbaar Ministerie de uiting, in combinatie met aangiften over andere uitspraken, niet strafbaar vond. Het Gerechtshof van Amsterdam heeft echter besloten dat Wilders alnog vervolgd moet worden. De uiting waarvan het MDI aangifte heeft gedaan, wordt ook in die procedure meegenomen.
(5 Zie voor meer informatie: http://www.meldpunt.nl/nieuws/geen-vervolging-radio-islam)
(6 Voor meer informatie: http://www.meldpunt.nl/nieuws/hof-beveelt-vervolging-wilders)
De onaanraakbare status van Radio Islam is bekend.

Hoe zat dat ook al weer met de gewraakte uitspraak van Geert Wilders? We citeren het Jaarverslag MDI 2007:
Uitspraak Wilders
In februari 2007 is het Kamerlid Geert Wilders geïnterviewd door het dagblad De Pers. Dat interview is vervolgens overgenomen op de website van Geert Wilders zelf. Over de uitspraken van Wilders in dit interview ontving het MDI tientallen meldingen. In het bijzonder over de uitspraak: “We willen genoeg. De grenzen dicht, geen islamieten meer Nederland in, veel moslims Nederland uit, denaturalisatie van islamitische criminelen…” Het MDI heeft deze uiting als strafbaar beoordeeld en hierover, samen met RADAR Rotterdam en ADB Flevoland, aangifte gedaan.
Nu is die aangifte dus meegenomen in het dossier showproces.
Dat is goed, want het is niet ondenkbaar dat het proces tegen Geert Wilders uiteindelijk zal terugslaan op de aangevers en het MDI moet daar dan beslist bij zitten.
2.5.1. Rechtszaken.
In de loop van 2008 is een aantal aangiften van het MDI voor de rechter geweest. Op 2 juni is een lid van het forum Polinco.net (inmiddels al geruime tijd offline) die daar racistische en discriminerende berichten plaatste onder de naam Joshadam, vrijgesproken door de Rechtbank Amsterdam. Opvallend is dat de rechtbank het internet niet openbaar achtte en slechts daarom vrijsprak. Die argumentatie is in diverse media (en door het MDI7) met onbegrip ontvangen. Het Openbaar Ministerie is in hoger beroep gegaan.
7 Lees hier meer: http://www.meldpunt.nl/nieuws/joshadam-onterecht-vrijgesproken
De jacht op poster Joshadam/Polinco gaat voort.
Wikipedia hierover:
Strafproces poster Joshadam.
Op 21 april 2008 diende een strafproces voor de Europese Rechtbank te Amsterdam tegen de prominente poster Joshadam, die zich beledigend had uitgelaten over homoseksuelen, negers, moslima's en joden. De rechtbank overwoog dat de uitlatingen een strafbaar feit zouden opleveren, wanneer ze gedaan zouden zijn op openbare media zoals radio en televisie, waar luisteraars er tegen hun wil mee geconfronteerd kunnen worden. Aangezien Polinco een internetforum was waar men slechts met enige inspanning kon komen, was het niet als volledig openbaar aan te merken, zodat opzet in het openbaar maken van de uitlatingen niet aangetoond kon worden. Aangezien uit Europese jurisprudentie blijkt dat "opzet op elk deel van de delictomschrijving gericht moet zijn" concludeerde de rechter op 2 juni 2008 tot vrijspraak, waarbij de rechtbank mee liet wegen dat de aangifte niet was gedaan door leden van de beledigde groepen, maar door het MDI dat volgens de uitspraak actief zoekt naar dergelijke uitlatingen.[12] Het MDI zegt slechts te reageren op meldingen, ontkent actief te zoeken en betwist het beperkt openbare karakter van Polinco.[13]

Het hoger beroep door de Officier van Justitie geëntameerd dient op de 17e november 2009 voor het Gerechtshof te Amsterdam waarin de Procureur bij het Gerechtshof de wel-openbaarheid bewezen wil zien. Hier bevroedt men al dat deze strafzaak een hoger doel zal dienen: door middel van jurisprudentie duidelijkheid verkrijgen over de juridische status van het Internet en fora met betrekking tot de Vrijheid van meningsuiting als vermeld in artikel 10 EVRM

Verder met het Jaarverslag 2008:
Amper twee weken later diende het hoger beroep in de zaak van de weblogger Ertan. Ertan schreef al in 2004 onder meer dat hij homo’s met het hoofd naar beneden van de westertoren wilde duwen. Hij was daarvoor in juni 2006 al veroordeeld door de Rechtbank Amsterdam. Ook het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld hem, de tegenwerpingen van de advocaat ten spijt die zich beriep op de recente uitspraak van de Rechtbank Amsterdam in de zaak van Joshadam dat het internet niet openbaar is. Ertan werd veroordeeld tot een werkstraf van 80 uur8.
8 Lees hier meer over de veroordeling van Ertan: http://www.meldpunt.nl/nieuws/weblogger-ertanopnieuw-veroordeeld

Blijkbaar was het weblog van Ertan toch wat meer openbaar dan Polinco, maar het Gerechtshof zal daar in november een oordeel over vellen.

Eind augustus moest de beheerder van de website rechtser.com zich bij de politierechter in Zutphen verantwoorden voor discriminerende uitingen op zijn site, met name gericht tegen moslims. Opmerkelijk aan deze zaak is dat de meeste uitingen waren gedaan door bezoekers van de site. De politierechter oordeelde dat de beheerder daar verantwoordelijk voor is, ook als hij ze niet gelezen heeft. Hij werd veroordeeld tot een boete van 750 euro9.
9 Zie ook: http://www.meldpunt.nl/nieuws/beheerder-rechtser-com-veroordeeld
De zaak tegen rechtser.com blijft een triest voorbeeld van de doorgeschoten ijver van het MDI.
Begin september werd een minderjarige gebruiker van YouTube door de politierechter in Den Haag veroordeeld voor het plaatsen van antisemitische video’s. Hij had een profiel aangemaakt, gevuld met hakenkruizen en plaatste video’s online met een positieve referentie aan de Tweede Wereldoorlog. Samen met een veroordeling voor openlijke geweldpleging, werd hij daarvoor gestraft met 74 dagen jeugddetentie.
Over het algemeen volstaat het om YouTube op de hoogte te brengen van een inbreuk op hun gedragsregels, maar deze jongeman moest blijkbaar hangen. We zijn benieuwd wat men in real life - op straat - moet uitvreten om een dergelijke straf te krijgen.
Ten tijde van het schrijven van het jaarverslag is ook al bekend dat diverse bestuursleden van de inmiddels opgeheven extreemrechtse partij Nationale Alliantie in januari 2009 zijn veroordeeld voor discriminerende uitingen op het forum van de partij. Ook zij deden de uitingen hoofdzakelijk niet zelf, maar waren als beheerder en moderator verantwoordelijk voor wat er op hun forum gebeurde. De rechtbank vond de uitingen dermate ernstig, dat een fors hogere straf werd opgelegd dan het Openbaar Ministerie eiste. De voormalige leider van de Nationale Alliantie, Jan Teijn, werd veroordeeld tot een voorwaardelijke celstraf van 6 maanden en een werkstraf van 120 uur10.
10 Zie: http://www.meldpunt.nl/nieuws/leden-na-gestraft-voor-online-discriminatie
Hier wordt verzwegen dat de leider van de Nationale Alliantie die straf niet alleen kreeg voor de uitingen maar tevens voor het bezit van kinderporno en een stroomstootwapen.

Nu volgt het misschien wel interessantste gedeelte van het Jaarverslag 2008: de wijze waarop het MDI de handen in onschuld tracht te wassen in de onverkwikkelijke zaak Nekschot.

2.5.2. Andere ontwikkelingen in MDI-zaken.
Naast bovengenoemde zaken die voor de rechter zijn gebracht, heeft het Openbaar Ministerie in meer zaken actie ondernomen. De meest in het oog springende actie was de arrestatie van de cartoonist die bekend staat onder het pseudoniem Gregorius Nekschot. Begin 2005 ontving het MDI vele meldingen over cartoons van Gregorius Nekschot. Voor een deel waren deze meldingen het gevolg van een oproep van voormalig imam Abdul Jabbar Van der Ven, maar een groot deel van de meldingen had een andere oorsprong. Toen het MDI de gemelde cartoons beoordeelde, kwam het tot de conclusie dat het niet met zekerheid te zeggen was of dergelijke cartoons strafbaar waren. In Nederland was nog geen vergelijkbare zaak voor de rechter gebracht en er was daarom ook geen jurisprudentie met betrekking tot de strafbaarheid van dit type cartoons. De cartoons waren regelmatig zeer grof en, zeker in die tijd, structureel gericht tegen een aantal minderheden. Ook zorgden de cartoons kennelijk voor veel commotie en onrust bij internetgebruikers. Het leek het MDI verstandig aangifte te doen van de cartoons zodat het OM en later de rechter hierover zouden kunnen oordelen. Dit zou meer duidelijkheid verschaffen over de strafbaarheid van dit soort cartoons. In april 2005 deed het MDI aangifte. Inmiddels is dankzij de Deense cartooncrisis de cartoon als uitingsmiddel symbool geworden voor de vrijheden van de Westerse maatschappij.
"Inmiddels is dankzij de Deense cartooncrisis de cartoon als uitingsmiddel symbool geworden voor de vrijheden van de Westerse maatschappij"

Wat het MDI wil zeggen met dit zinnetje is onduidelijk. Bedoelt het MDI nu dat er na de (Deense) cartooncrisis wat soepeler omgegaan moet worden met cartoons, of juist niet?

Waarschijnlijk dat laatste, anders had het MDI de aangifte tegen Gregorius Nekschot wel ingetrokken: daar had het MDI twee jaar de tijd voor.

Het MDI heeft de aangifte echter in stand gehouden, zodat er maar een conclusie getrokken kan worden: het MDI heeft niets op met 'de vrijheden van de Westerse maatschappij'.

Dat vermoedden we al, maar nu is met zekerheid vastgesteld dat het MDI een instituut is dat niet in Nederland thuishoort.
Ruim drie jaar na de aangifte wordt de cartoonist Gregorius Nekschot aangehouden en, naar later blijkt, onterecht en te lang in een politiecel vastgehouden terwijl onderzoek in zijn woning plaatsvindt. Diverse politieke partijen spreken er schande van en minister van Justitie Hirsch Ballin moet een aantal keer tekst en uitleg geven over de arrestatie van Gregorius Nekschot. Helaas wordt in deze discussie de wijze van onderzoek en de arrestatie van Gregorius Nekschot nogal eens verward met de inhoud van de aangifte en krijgt ook het MDI veel kritiek te verduren. Het onderzoek van het OM wordt echter niet gestaakt en loopt nog steeds. Het is, inmiddels vier jaar na de aangifte, nog steeds niet bekend of Gregorius Nekschot daadwerkelijk wordt vervolgd.
Het MDI in de slachtofferrol.
Natuurlijk is het MDI niet volledig verantwoordelijk voor het disproportionele optreden van de politie. Maar het MDI heeft wél de aangifte gedaan die aan de basis ligt van de arrestatie. Maar het MDI heeft ook vier jaar de tijd gehad om de situatie te evalueren en had op een bepaald moment de aangifte in kunnen trekken omdat Gregorius Nekschot zich inmiddels minder op minderheden richtte. Tenminste, dat zegt het MDI zelf: "De cartoons waren regelmatig zeer grof en, zeker in die tijd (2005), structureel gericht tegen een aantal minderheden"..

Bovendien heeft het MDI zich, naar mijn weten, nimmer openlijk gedistantieerd van de manier waarop de politie de zaak Nekschot behandelde.

Het is het bekende verhaal van de dader die zich slachtoffer voelt en totaal geen compassie heeft met het werkelijke slachtoffer.
In de zomer van 2008 wordt ook het beheer van de populaire weblog geenstijl.nl gehoord naar aanleiding van meerdere aangiften van het MDI. Tussen 2003 en 2007 heeft het MDI diverse aangiften gedaan van discriminerende uitingen op geenstijl.nl, toen bleek dat verzoeken tot verwijdering geen effect sorteerden. In de zomer van 2007 werd afgesproken dat het MDI opnieuw verzoeken tot verwijdering zou sturen en geenstijl.nl de discriminerende uitingen zou verwijderen. Vanaf dat moment is de samenwerking tussen geenstijl.nl en het MDI sterk verbeterd. Ook krijgt het MDI sindsdien vrij weinig meldingen over geenstijl.nl. Een paar jaar geleden was het aantal meldingen over geenstijl.nl veel hoger.
Het klinkt een beetje verdrietig en - toegegeven - het is altijd vervelend om een belangrijke leverancier kwijt te raken..

Leefbaarheid En Tolerantie. Bespreking MDI Jaarverslag Deel 3

Art1 en de afko's

Een kongsi met een spilfunctie in de samenleving zoals het Meldpunt Discriminatie Internet heeft natuurlijk veel contacten. Het MDI werkt samen, onderzoekt, organiseert, overlegt, onderneemt, coördineert, initieert, signaleert en vergadert met een heel resem andere meningsbestrijdende organen, zoals de...

Landelijke Vereniging van Antidiscriminatiebureaus en Meldpunten (LVADB).
Art.1
Landelijk Bureau Racismebestrijding (LBR)
afzonderlijke antidiscriminatiebureau’s (ADB’s)
Landelijk Expertise Centrum Discriminatie van het Openbaar Ministerie (LECD)
het Landelijke Expertise Centrum Diversiteit van de politie en de politie Amsterdam-Amstelland
Magda Berndsen, lid van de raad van hoofdcommissarissen belast met, onder meer, de aanpak van discriminatie.
Meldpunt Cybercrime (MCC)
Korps Landelijke Politiediensten (KLP)afdeling internetsurveillance
Nationale Coördinator Terrorisme bestrijding (NCTb)
International Network Against Cyber Hate (INACH)
Politie Kennis Net (PKN)
noviafacts.nl
stichting BREIN
Nationale Infrastructuur ter bestrijding van Cybercrime (NICC)
Nationale Jeugdraad

Mogelijk houden al die deelnemers aan dit clubcircuit voornamelijk zichzelf en elkaar bezig en in stand, maar we zullen zien wat deze praatgroep oplevert aan concrete resultaten.
3. Overige activiteiten MDI

3.1 Samenwerking en overleg

Art.1 In 2006 was het MDI lid van de Landelijke Vereniging van Antidiscriminatiebureaus en Meldpunten (LVADB). De LVADB is opgegaan in een nieuwe vereniging, Art.1, waarbij het voormalige Landelijk Bureau Racismebestrijding het stafbureau voert. Het MDI is geen lid van Art.1, maar werkt wel nauw samen met zowel de afzonderlijke antidiscriminatiebureau’s (ADB’s) als met het stafbureau. Het MDI heeft regelmatig overleg met de ADB’s en het stafbureau van Art.1, afgesproken is om met enige regelmaat gezamenlijk projecten te ondernemen. Het MDI heeft onder meer een bijdrage geleverd aan het op middelbare scholieren gerichte project ‘Wazeggie’ van Art.1. Ook heeft het MDI begin 2008 een werkbezoek georganiseerd voor een aantal ADB’s.
Waaruit de bijdrage van het MDI aan het project 'Wazeggie' bestaat mogen we niet weten. Ook het werkbezoek voor de ADB’s blijft ongespecificeerd.
Overleg OM, Politie en MDI

Het MDI heeft ongeveer vier keer per jaar overleg met het Landelijk Expertise Centrum Discriminatie van het Openbaar Ministerie (LECD), het Landelijke Expertise Centrum Diversiteit van de politie en de politie Amsterdam-Amstelland. Dit overleg heeft ten doel: - De lopende aangiften van het MDI te bespreken - De afhandeling van aangiften bespoedigen - Afspraken maken over de manier waarop de strafrechtelijke aanpak van discriminatie kan worden verbeterd - De politie en het OM een beeld te geven van wat er ‘speelt’ op het internet. Daarnaast heeft het MDI in 2008 overleg gehad met Magda Berndsen, lid van de raad van hoofdcommissarissen belast met, onder meer, de aanpak van discriminatie.
Er wordt heel wat afgebabbeld, maar naar de resultaten mogen we raden.
Meldpunt Cybercrime, KLPD Internetsurveillance en NCTb
In 2007 is het Meldpunt Cybercrime van start gegaan. Bij het Meldpunt Cybercrime (MCC), dat onderdeel is van de Politie, kunnen mensen melding maken van online terrorisme en kinderporno. Met het MCC wordt af en toe overlegd. Meer contact heeft het MDI gehad met de afdeling internetsurveillance van de Korps Landelijke Politiediensten die als pilot actief zichtbaar en onzichtbaar op het internet speurt naar bepaalde strafbare feiten. Ten slotte heeft het MDI geregeld overlegd met de Nationale Coördinator Terrorisme bestrijding over zaken waarin online terrorisme en discriminatie elkaar raken en/of overlappen.
Prachtig al die communicatie, maar of het rendeert komen we niet te weten.
International Network Against Cyber Hate (INACH)

Het MDI / Magenta is lid en mede-oprichter van INACH (http://www.inach.net),een internationaal verbond met leden in diverse Europese landen, de Verenigde Staten en Canada. INACH legt zich toe op het bestrijden van discriminatie op het internet door middel van educatie, het verwijderen van uitingen en legal action. In de praktijk is dit netwerk ook bijzonder nuttig om informatie mee uit te wisselen en van elkaars ervaring en deskundigheid te profiteren. In 2008 heeft het MDI deelgenomen aan de jaarlijkse INACH-conferentie te Washington D.C.11. Ook was het MDI aanwezig op de membersmeeting in Parijs eerder in de zomer van 2008. 11 http://www.meldpunt.nl/nieuws/mdi-op-cyberhate-congres-in-de-v-s
Zonder opbrengst is aanwezigheid aanwezigheid om het aanwezig zijn.
3.2 Deskundigheidsbevordering Politie en OM

In 2008 heeft het MDI op verschillende manieren bijgedragen aan deskundigsheidsbevordering bij het Openbaar Ministerie en de politie. Het MDI heeft onder meer een toespraak gehouden voor alle regiocontactpersonen discriminatie op de jaarlijkse bijeenkomst. Ook heeft het MDI zitting in de redactiecommissie van het Politie Kennis Net (PKN), waarvoor ook in 2008 een bijdrage is geleverd.
De aard en het effect van de bijdragen blijven in het duister gehuld.
3.3 Projecten en Onderzoek

Seminar tienjarig bestaan MDI

In maart 2008 werd vanwege het tienjarig bestaan van het MDI een seminar georganiseerd met de titel: "10 jaar MDI: 'Wilt u a.u.b. die narigheid onmiddellijk van Internet halen!". In de seminar, die werd geopend met een toespraak namens minister Hirsch Ballin werd teruggeblikt op tien jaar MDI, maar met name vooruitgekeken naar de toekomst. Sprekers waren onder meer columnist en internetexpert Francisco van Jole, oud-directeur van het MDI en de huidige algemeen directeur van stichting Magenta Ronald Eissens, Peter Rodrigues van de Anne Frankstichting over discriminatie op internet voor de rechter en Jane Tallim van het Canadese Media Awareness Network12 over een alternatieve aanpak van online discriminatie op internet door de focus te leggen op educatie. 12 http://www.media-awareness.ca/
Mooie plannen, maar wat is er uit voortgevloeid?

Met die 'educatie' waar de focus op gelegd gaat worden wordt waarschijnlijk niet de vorm van educatie bedoeld die het MDI nog enig bestaansrecht zou kunnen geven: de bevordering van de geestelijke weerbaarheid van de internetgebruiker. Zodat het internet gevrijwaard blijft van lieden die gaan janken om woorden, plaatjes of geluiden.
Moderatortraining

In 2007 heeft het MDI onderzoek gedaan naar de moderatie van de website telegraaf.nl, mede vanwege het grote aantal meldingen dat het MDI ontving over deze site. Alle aanbevelingen die uit het onderzoek volgden, zijn door telegraaf.nl opgevolgd, waaronder het trainen van de moderatorgroep (overigens uitbesteed aan noviafacts.nl) in het herkennen en bestrijden van online discriminatie. De eerste training is gegeven in 2007 en ook in 2008 heeft het MDI deze training weer verzorgd voor een uitgebreide en anders samengestelde moderatorgroep. Voor 2009 staat weer een training op het programma.
Huiveringwekkend en hallucinant (om maar eens een mooi Belgisch woord te gebruiken)
Het MDI, dat zich inmiddels overduidelijk gediskwalificeerd heeft om over uitingen te kunnen oordelen, bemoeit zich met de opleiding van moderatoren.
Moderatoren krijgen dus onderwezen wat het MDI strafbaar acht. Niet wat strafbaar ís - want daar gaat het MDI niet over, maar de rechter - maar wat het MDI denkt dat strafbaar is: want anders krijgen de moderatoren last met datzelfde MDI. Het MDI bepaalt de criteria en de moderatoren kennen die criteria. Criteria die niet te hoeven te stroken met de criteria van het Wetboek van Strafrecht en die ook inderdaad niet overeenkomen gezien de bedroevende resultaten die het MDI bij de rechtbank haalt. Alle coördinatie tussen het MDI en Justitie ten spijt.
Nieuwe Website

In 2008 heeft het MDI een nieuwe website in gebruik genomen. Deze website is veel aantrekkelijker en overzichtelijker. Op de nieuw toegevoegde “nieuws”-sectie geeft het MDI een overzicht van relevante nieuws-artikelen en informatie over activiteiten van het MDI en aan MDI gerelateerde onderwerpen.
Het eerste concrete resultaat. Maar een overzichtelijke website is toch wel het minste wat je mag verwachten bij een meldpunt dat zich uitsluitend op het internet richt.

Onderzoek

In 2008 is het MDI twee verschillende onderzoeken gestart. Het eerste onderzoek betreft het in kaart brengen van extreem-rechtse websites gericht op de Nederlandse samenleving. In het tweede onderzoek wordt de moderatie op een aantal grote op Nederland gerichte interactieve websites onderzocht met onder meer de bedoeling “best practices” te signaleren. In 2009 zullen beide onderzoeken afgerond zijn.
Die extreem-rechtse websites zijn in 2007 in kaart gebracht door het NRC Handelsblad. Dat project kon nou niet bepaald geslaagd genoemd worden, maar erg veel werk kan het opschonen en eventueel aanvullen van dat NRC-dossier niet zijn.

"Best practice gaat er van uit dat er een techniek, methode, proces, activiteit of beloningmethodiek is die effectiever is om een bepaald resultaat te halen dan enige andere techniek, methode, etc. Bij het concept Best Practice staat praktijkervaring centraal." (Wikipedia).
'Best practices' signaleer je dus niet, die ontwikkel je.

Opnieuw geen resultaten. Die zijn pas volgend jaar te verwachten.
Gedragscode Notice and Take down

Het MDI heeft samen met diverse andere partijen, zoals grote providers, overheidspartijen en belangenpartijen als stichting BREIN, bijgedragen aan de totstandkoming van een gedragscode Notice and Take down. In deze gedragscode geinitieerd door NICC13 is afgesproken hoe providers omgaan met klachten van gebruikers over content op de door hun doorgegeven websites. Voor het MDI heeft deze gedragscode weinig praktische relevantie omdat het bijna nooit zaken doet met providers, maar rechtstreeks de beheerder van een website benadert. Als signaal dat internetpartijen samenwerken om strafbare informatie op internet tegen te gaan, is de gedragscode echter een goed initiatief. De gedragscode is vanaf oktober 2008 actief. 13 http://www.samentegencybercrime.nl
De inbreng van het MDI aan de totstandkoming van deze gedragscode blijft onbekend.
Jongerenproject RU4real

In 2008 is het MDI samen met de Nationale Jeugdraad een project gericht op jongeren gestart. Het MDI signaleert dat het relatief weinig meldingen ontvangt van jongeren. Dit terwijl een groot deel van de gevonden strafbare uitingen vaak door jongeren lijkt te worden gedaan en worden aangetroffen op websites die op jongeren zijn gericht. Mede hierom is op initiatief van het MDI contact gezocht met de Nationale Jeugdraad met als doel een project op te zetten om online tolerantie op een positieve manier onder de aandacht te brengen. Dit project zal in 2009 worden uitgevoerd.
De jongeren gedragen zich dus heel wat volwassener dan de gemiddelde volwassen internetgebruiker en de volwassenen van het MDI.

Gelukkig is het MDI er om de kinderen voor te lichten en ze te leren dat ze beledigd of gediscrimineerd worden zonder dat ze het merken.

Op het gebied van 'tolerantie' kan het MDI nog heel wat leren van de jeugd. Maar bij het MDI heeft het woord 'tolerantie' niet de gebruikelijke betekenis. Bij het MDI betekent 'tolerantie': "niet doen wat niet mag van het MDI".

Vroeger noemden we dat discipline, of serviliteit..

Conclusie: al dat ge-samenwerk levert maar verdraaid weinig concrete resultaten op.

Leefbaarheid En Tolerantie. Bespreking MDI Jaarverslag Deel 4

En het komt allemaal door...GW!

In dit vierde hoofdstuk geeft het MDI in detail weer waar en waarop zoal gediscrimineerd wordt en hoe vaak.

Het hoofdstuk bevat een aantal tabellen waaruit met de beste wil van de wereld geen tendens te destilleren valt, dus die tabellen geven we niet weer. Ze zijn te zien in het MDI Jaarverslag 2008 (pdf).

De tabel "Discriminatie op grond van ras" heeft een interessante voetnoot:
15 Het begrip 'ras' dient, overeenkomstig het Internationaal Verdrag inzake de Uitbanning van alle vormen van Rassendiscriminatie en vaste jurisprudentie van de Hoge Raad, ruim te worden uitgelegd. Dit begrip omvat tevens huidskleur, afkomst of nationale herkomst dan wel etnische afstamming.
Dat is uitleg volgens de Algemene Wet Gelijke Behandeling (AWGB). De AWBG is een nadere uitwerking van Artikel 1 van de Grondwet en heeft dus niets te maken met artikel 137c van het Wetboek van Strafrecht (groepsbelediging): het terrein waarop het MDI meent te moeten opereren.

De tekst van dit hoofdstuk in het Jaarverslag wordt opgevrolijkt met een aantal voorbeelden van 'discriminerende uitingen'. Ook hier geldt: wie er kennis van wil nemen kijkt maar in het Jaarverslag 2008 (pdf)
4. Discriminatiegronden en uitingen per medium / locatie


4.1 Inleiding


Het MDI registreert uitingen van discriminatie op internet, onder meer op discriminatiegrond, om inzicht te krijgen in de maatschappelijke ontwikkelingen in deze.
Het MDI gaat daarbij uit van de in het Wetboek van Strafrecht14 genoemde discriminatiegronden, te weten: ras, godsdienst of levensovertuiging, hetero- of homoseksuele gerichtheid, geslacht en lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap. In onderstaande tabellen wordt het totale aantal bij het MDI gemelde uitingen per discriminatiegrond weergegeven en het aantal uitingen daarvan dat door het MDI als strafbaar is beoordeeld. Ook het aantal uitingen dat als tendentieus is beoordeeld, is in de laatste tabel meegenomen. Een tendentieuze uiting is een uiting die op zichzelf niet strafbaar is, maar die wel mee kan helpen de context van de uitingen op een locatie te bepalen. Het MDI beoordeelt uitingen namelijk altijd in hun context om de strafbaarheid ervan te beoordelen.
14 Art. 137c t/m g van het Wetboek van Strafrecht
"Het MDI beoordeelt uitingen namelijk altijd in hun context om de strafbaarheid ervan te beoordelen."

Die bewering is flagrant onjuist. We hebben daarvoor bewijzen in handen: de bezwaren die het MDI had tegen uitingen op het forum van DutchFaithFreedom: hier en hier en de zaak tegen Misdefinitie.

In die laatste zaak leverden het MDI en de openbaar aanklager brokken tekst aan zonder context (waarin bovendien was geknoeid). Bewijsstukken die door de rechter onmiddellijk van tafel geveegd werden: de rechter wenste de uitingen slechts in hun context te beoordelen.
4.2 Haat tegen moslims]

In 2008 zijn bij het MDI 204 uitingen van Haat tegen moslims gemeld die als strafbaar zijn beoordeeld. Dit zijn er minder dan de afgelopen twee jaar. Van deze 204 uitingen zijn er 165 op verzoek van het MDI verwijderd, vijf uitingen zijn toegevoegd aan bestaande aangiftedossiers en over 34 uitingen is een nieuwe aangifte gedaan.

Moslims krijgen als groep de afgelopen jaren veel aandacht in het publieke debat. Sinds de aanslagen van 11 september 2001, de moord op Theo van Gogh en de opkomst van rechtspopulistische geluiden in de politiek (die hun pijlen onder meer op moslims richten) is de toon van het publieke debat dikwijls scherp. De PVV van Geert Wilders is de partij die zich met de meeste nadruk richt tegen de islam en moslims en vormt een belangrijke oorzaak van de verscherpte tegenstellingen in het maatschappelijk debat rondom moslims.
Zoals al eerder opgemerkt: de tabellen laten zien dat er geen sprake is van een tendens.
De tabel "Discriminatie op grond van religie / levensovertuiging: islam" laat de volgende aantallen gemelde uitingen zien:
2005: 371
2006: 473
2007: 365
2008: 346

Toch heeft er volgens het MDI maar één schuld aan de tendens die er niet is: de PVV van Wilders.

Het Meldpunt bedrijft hier doorzichtige agitprop.
Deze tendens heeft al jaren zijn weerslag op het internet. Waar het publieke debat over moslims op straat, op televisie en in kranten al heftig wordt gevoerd, vallen op het internet niet zelden alle remmingen weg en worden moslims vaak op zeer grove manier beledigd. Het is overigens opvallend dat ondanks het uitbrengen van de film Fitna door Geert Wilders, het aantal strafbare uitingen gericht tegen moslims dat bij het MDI is gemeld is gedaald. Dat kan te maken hebben met het feit dat het aantal strafbare uitingen gericht tegen Marokkanen flink is toegenomen (zie paragraaf 4.7). Het MDI heeft de indruk dat Marokkanenhaat en Haat tegen moslims nogal eens door elkaar worden gebruikt om uitdrukking te geven aan dezelfde xenofobe sentimenten.
Opnieuw: er geen tendens.
En als er dan een tendens moet zijn is het deze:
- het aantal strafbare uitingen gericht tegen moslims dat bij het MDI is gemeld is gedaald (van 276 in 2007 naar 204 in 2008)
- het aantal strafbare uitingen gericht tegen Marokkanen is 'flink' toegenomen (van 184 in 2007 naar 229 in 2008)

Die tendens is dat de strafbare uitingen meer gespecificeerd zijn: men scheert de moslims steeds minder vaak over één kam.
4.3 Antisemitisme

Ook in 2008 is het aantal uitingen van antisemitisme dat bij het MDI is gemeld onverminderd hoog. 213 uitingen van antisemitisme zijn door het MDI als strafbaar
beoordeeld, waarvan 39 mede betrekking hadden op het ontkennen van de holocaust. Van deze 213 uitingen zijn 120 uitingen op verzoek van het MDI verwijderd, tien uitingen zijn bijgevoegd in een bestaand aangiftedossier en over 26 uitingen is een nieuwe aangifte gedaan.

Sinds de oprichting van het MDI is antisemitisme op het internet onverminderd hevig aanwezig. Met name uit extreemrechtse hoek, van oudsher goed vertegenwoordigd op het internet, zijn nog steeds sterk antisemitische geluiden te horen. Maar evenals afgelopen jaar is de meerderheid van de strafbaar antisemitische uitingen te vinden op grote interactieve websites als YouTube en Hyves. Daar worden ze overigens vrijwel altijd op verzoek verwijderd. Aan het einde van 2008 heeft het uitbreken van de Gaza-oorlog voor een opleving van het aantal antisemitische uitingen gezorgd.
We hebben sterk de indruk dat hier een paar 'hoeken' van waaruit antisemitische geluiden te horen zijn verzwegen worden.
4.4 Andere godsdiensten of levensovertuiging

In 2008 ontving het MDI meldingen over in totaal negen strafbare uitingen, die betrekking hadden op groepen mensen die een andere religie of levensovertuiging aanhangen dan de islam. Dit aantal is vrijwel gelijk aan de afgelopen jaren. In de meeste gevallen was de discriminerende uiting gericht tegen christenen. Van een uiting gedaan in een column op een populaire nieuwswebsite, ontving het MDI vele tientallen meldingen.
Van deze uiting is aangifte gedaan.

Zes uitingen zijn verwijderd na een verzoek van het MDI. Van één uiting is aangifte gedaan.
Die ene is de satirische column van Nico Dijkshoorn op Nu.nl.

Laten we maar hopen dat het niet een aanzet tot een tendens is.
4.5 Discriminatie van autochtone Nederlanders

In totaal 29 strafbare uitingen, gericht tegen autochtone Nederlanders, zijn in 2008 bij het MDI gemeld. Dat is iets lager dan vorig jaar, maar fors lager dan in 2006 toen het MDI nog 89 strafbare uitingen registreerde. Destijds dacht het MDI dat met de stijging van het aantal meldingen over discriminatie van autochtone Nederlanders het idee was weggenomen dat het MDI slechts voor allochtone Nederlanders is bedoeld. Uit emails die het MDI in 2008 heeft ontvangen en de cijfers van de afgelopen twee jaar, blijkt dit echter niet het geval te zijn. Uiteraard is deze gedachte onjuist en behandelt het MDI elke melding gelijk en met de grootste zorgvuldigheid. Alle 29 uitingen zijn op verzoek van het MDI verwijderd.
29 uitingen slechts. Nog even en het MDI is de enige die autochtone Nederlanders discrimineert.

Evenals de afgelopen jaren zijn veel van de strafbare uitingen gericht tegen autochtonen gedaan op websites waar juist ook andere minderheidsgroepen werden gediscrimineerd. Een deel van deze uitingen werd bijvoorbeeld aangetroffen op een website waar mensen racistische moppen kon plaatsen.
Men of mensen, kon of konden..
4.6 Discriminatie op grond van seksuele gerichtheid

Het MDI registreerde in 2008 62 strafbare uitingen gericht tegen homo’s. Dat zijn er meer dan de afgelopen jaren.

In tegenstelling tot afgelopen jaar, werd in 2008 de meerderheid van de uitingen van homohaat aangetroffen op websites gericht op de Marokkaanse gemeenschap. Overigens werden de uitingen daar altijd verwijderd.

Van de 62 strafbare uitingen zijn 59 uitingen na een verzoek van het MDI verwijderd. Van de overige drie uitingen is aangifte gedaan.
45 meldingen in 2005, 93 in 2006, 79 in 2007 en 87 in 2008. Ook hier geen tendens.
4.7 Discriminatie van Marokkanen

In 2008 registreerde het MDI 229 strafbare uitingen van discriminatie van Marokkanen. Dat is aanzienlijk hoger dan de afgelopen jaren en een voortzetting van de stijgende trend. Ook Marokkanen zijn in 2008 weer als groep tot onderwerp gemaakt van het publieke debat. Met name problematiek rond criminele jongeren van Marokkaanse afkomst in bepaalde wijken en berichtgeving daaromheen, leidde in 2008, net als in 2007, tot veel reacties die over de schreef gingen. In 2008 werden een groot deel van de uitingen van marokkanenhaat aangetroffen op weblogs en webfora van divers pluimage en op een aantal moppensites. In 2007 werd nog veruit het grootste deel van de uitingen aangetroffen op nieuwssites die bezoekers de mogelijkheid geven om te reageren op nieuwsartikelen. Dat gedeelte was in 2008 veel kleiner. Een nog kleiner deel van de uitingen is gevonden op extreemrechtse websites. Van deze 229 uitingen zijn maar liefst 212 na een verzoek van het MDI verwijderd.
Zoals reeds opgemerkt: die trend - als die er is - is er een van uitingen tegen moslims naar uitingen tegen meer specifiek Marokkanen, niet van uitingen tegen Marokkanen naar meer uitingen tegen Marokkanen.
4.8 Discriminatie van Turken

In 2008 ontving het MDI meldingen over 91 strafbare uitingen van discriminatie van Turken. Dit is veel hoger dan in 2007 toen het MDI 25 uitingen als strafbaar beoordeelde. Overigens registreerde het MDI in 2006 74 strafbare uitingen gericht op Turken. Het merendeel van de uitingen gericht op Turken werd aangetroffen op moppensites, maar ook op extreemrechtse websites en in mindere mate op mainstream interactieve websites werden uitingen van turkenhaat gevonden.

Van de 91 strafbare uitingen zijn er 90 na verzoek van het MDI verwijderd. Van de enige uiting die niet is verwijderd, is aangifte gedaan.

"Het merendeel van de uitingen gericht op Turken werd aangetroffen op moppensites..."

Trieste humor is meestal niet meer dan dat: triest. Je er druk om maken is nog triester.
4.9 Discriminatie van mensen met een donkere huidskleur

De 177 strafbare uitingen die het MDI in 2008 naar aanleiding van meldingen aantrof op internet, is een lichte daling ten opzichte van de afgelopen jaren. 156 van deze 177 uitingen zijn op verzoek van het MDI verwijderd. Over zeventien uitingen is een nieuwe aangifte gedaan. Eén uiting is bijgevoegd in een bestaand aangiftedossier.

De uitingen van anti-zwart racisme komen uit verschillende hoeken. Extreemrechts neemt een deel van de uitingen voor zijn rekening. Hier betreft het vooral klassiek racistisch gedachtegoed. Dit zijn ook de uitingen die bijvoorbeeld gepaard gaan met verwijzingen naar de Amerikaanse Ku Klux Klan en onder meer gekenmerkt worden door bijzonder grof taalgebruiken en het diskwalificeren van ‘de zwarten’ als ‘inferieur ras’.
Tegenwoordig komen alleen mohammedaanse burgemeesters daarmee weg..
Naast de extreemrechtse sites, werden uitingen van racisme aangetroffen op veel verschillende websites; van nieuwswebsites en populaire weblogs tot moppensites en videosites als YouTube. Maar in 2008 werd de meerderheid van de strafbaar racistische uitingen gevonden op extreemrechtse websites.
Dat is dan misschien een verklaring voor de daling: slechts extreemrechtse websites houden zich daar nog mee bezig.
4.10 Discriminatie op grond van ‘overige afkomst’

Het MDI heeft in haar registratieprogramma de categorie ‘overige afkomst’. In deze categorie worden zowel uitingen van discriminatie met behulp van algemene termen zoals buitenlander, immigrant, allochtoon en andere afkomsten geregistreerd.

Weliswaar is de uiting in het voorbeeld gedaan in 2006, de uiting is pas gemeld in 2008. Dit illustreert hoe oudere uitingen, indien zij op het internet blijven staan, keer op keer mensen kunnen beledigen.
Dit toont slechts aan dat uitingen, als ze maar lang genoeg op internet staan, altijd wel door iemand zullen worden gelezen die zich erdoor beledigd voelt..
Het aantal strafbare uitingen in deze categorie is flink gestegen ten opzichte van 2007, naar 169 uitingen (91 in 2007). Overigens is dit aantal nog steeds lager dan in 2006 toen 191 strafbare uitingen van discriminatie op grond van ‘overige afkomst’ werd geregistreerd. Van deze 169 uitingen zijn 144 uitingen op verzoek van het MDI verwijderd. Van negen uitingen is aangifte gedaan.

Veel van deze uitingen zijn aangetroffen op extreemrechtse websites en op moppensites.
Ook zijn veel uitingen, meer dan de andere categorieën, aangetroffen op profielenwebsites, met name op Hyves. De uitingen op dergelijke sites zijn altijd na verzoek van het MDI verwijderd.
Ook hier is er geen tendens zichtbaar.
4.11 Discriminatie op overige gronden

In deze paragraaf worden discriminerende uitingen besproken, die betrekking hebben op andere (en kleinere) categorieën en gronden dan die in eerdere paragrafen zijn behandeld.

Over Aziaten is in 2008 één strafbare uiting bij het MDI geregistreerd. Tegen Roma en/of Sinti zijn vijftien strafbare uitingen geregisteerd. Dat is opvallend veel hoger dan in 2007, toen er maar één strafbare uiting bij het MDI werd gemeld. De vijftien uitingen werden op drie verschillende sites aangetroffen. Van de vijftien uitingen zijn er twaalf verwijderd en van de overige drie uitingen is aangifte gedaan.

Over Aziaten is in 2008 één strafbare uiting bij het MDI geregistreerd. Deze uiting is opverzoek van het MDI verwijderd.

Met betrekking tot de discriminatiegrond ‘handicap’, pas sinds een paar jaar toegevoegd aan de anti-discriminatieartikelen van het Wetboek van Strafrecht, ontving het MDI een melding met betrekking tot één strafbare uiting, die is verwijderd.

Over discriminatie op grond van geslacht (alleen strafbaar als sprake is van “aanzetten tot haat of discriminatie”) registreerde het MDI ook één uiting als strafbaar en ook die uiting is verwijderd.
Allemaal te marginaal om er een conclusie aan te kunnen verbinden.
4.12 Uitingen per medium/locatie

Het MDI neemt meldingen in behandeling over discriminatie op het Nederlandse deel van internet.18 Internet omvat meer dan alleen het World Wide Web.19 Het internet behelst ook digitale communicatievormen als email, P2P (bijvoorbeeld Limewire of Soulseek), chat, nieuwsgroepen, online gaming en Second Life. Zoals uit bovenstaande tabel blijkt, betreft het overgrote deel van de meldingen bij het MDI websites en een kleiner deel discussiefora en weblogs.
18 Hiermee wordt onder meer gedoeld op websites die in Nederland worden gehost, maar ook websites die in het buitenland worden gehost en gericht zijn op de Nederlandse samenleving en/of vanuit Nederland worden onderhouden.
19 WWW; websites, webforums, weblogs etcetera.

Het MDI toetst ook of de gemelde uitingen openbaar zijn en onderneemt in beginsel slechts stappen als de uitingen ook inderdaad openbaar online staan. In het openbaar houdt in dat de uiting door het publiek waargenomen kan worden. Vrijwel alle websites, webfora, weblogs en dergelijke zijn openbaar. Men hoeft immers slechts het adres of de URL20 in te typen en de pagina's verschijnen op het beeldscherm. Bij hoge uitzondering is een website beveiligd met een password dat slechts in beperkte kring bekend is.
20 Met de Uniform Resource Locator wordt naar de locatie van een pagina op het internet verwezen

Bij veel webfora en weblogs kunnen slechts geregistreerde leden berichten plaatsen. Hieruit zou eventueel afgeleid kunnen worden dat dergelijke weblogs en webfora niet openbaar zijn. Dit is niet het geval. Berichten zijn ook voor niet-geregistreerde leden te lezen. Daarnaast is het lidmaatschap doorgaans een volledig geautomatiseerd proces waarbij iedereen lid kan worden, zonder daarvoor toestemming van het beheer van een forum te hoeven vragen.

Tot vorig jaar maakte het MDI onderscheid tussen websites enerzijds weblogs en webfora anderzijds. Voorheen was het zo dat de eigenaar / beheerder doorgaans zelf de inhoud van de website online zette. Bij weblogs en webfora waren het veelal de bezoekers. Tegenwoordig is dat onderscheid deels weggevallen, nu ook de meeste websites bezoekers ruim de mogelijkheid bieden tot het plaatsen van filmpjes, foto’s, reacties, commentaren en andere uitingen.

Evenals vorig jaar is het aantal uitingen op weblogs gedaald. Het lijkt er op dat het fenomeen weblog wat minder populair is en /of er meer webloggers zijn die er in slagen discriminerende uitingen effectiever te weren. Het aantal uitingen gedaan in video’s is wat lager dan vorig jaar, maar nog steeds fiks hoger dan eerdere jaren. Het betreft hier met name YouTube. Er zijn de helft minder uitingen geregistreerd die per email zijn gedaan.
"Evenals vorig jaar is het aantal uitingen op weblogs gedaald."

Vermoedelijk wordt hier bedoeld dat het aantal meldingen over uitingen op weblogs is gedaald.
Dat kan kloppen want de tabel vertoont een tendens(je): 199 in 2005, 265 in 2006, 165 in 2007 en 94 in 2008.

Conclusie: van een significante tendens in het aantal meldingen op welk terrein dan ook is geen sprake.

Maar dat neemt niet weg dat, volgens het MDI, Geert Wilders daarvoor verantwoordelijk is.

Leefbaarheid En Tolerantie. Bespreking MDI Jaarverslag Deel 5

Baat en Schade

Hoofdstuk 5 (Resultaten in cijfers)van het MDI Jaarverslag 2008 (pdf) bestaat uit zes tabelletjes zonder begeleidende tekst. En er is dit keer zowaar een trendje waar te nemen! Wat blijkt? De meldingen die het MDI binnen krijgt, zijn steeds van betere kwaliteit. Dat wil zeggen: de meldertjes vullen in toenemende mate alle noodzakelijke gegevens in. Zoals daar zijn: exacte uiting, exacte locatie en - ook handig - de daadwerkelijke aanwezigheid op het internet. Het zijn al aardig kundige klagertjes aan het worden, daar in de klantenkring van het MDI.

Een evaluatie van de prestaties van het Meldpunt Discriminatie Internet ontbreekt in dit jaarverslag. Ook een toekomstvisie blijkt het MDI niet te hebben. Althans, wenst het niet te onthullen.

Slotconclusie:

Bezigheden.

Het MDI houdt zich bezig met het verwerken van meldingen, met moderatoren en webitebeheerders manen uitingen te verwijderen, met het in het geniep aanleggen van dossiers, met het aangifte doen van vermeend strafbare feiten, met het doorprocederen op kosten van de belastingbetaler en met het eindeloos overleggen met andere genootschappen die hun nut nog moeten bewijzen.

Functioneren.

Het MDI beoefent een volstrekt nutteloze tak van sport op kosten van de belastingbetaler, overigens zonder te weten waarom.

We citeren de MDI website:

Het Meldpunt Discriminatie Internet (MDI)

Het MDI is onderdeel van Stichting Magenta en opgericht in 1997 om discriminatie op het Nederlandse gedeelte van het Internet te helpen voorkomen en bestrijden. In de jaren die volgden is het MDI meegegroeid met het Internet en uitgegroeid tot een professionele organisatie die op verschillende manieren bijdraagt aan de bestrijding van online discriminatie.

Toen het Internet in de loop van de jaren negentig van de vorige eeuw in rap tempo groeide, bleek het Internet ook populair te zijn voor het doen van racistische en discriminerende uitingen. Om die uitingen succesvol aan te pakken, was specifieke expertise noodzakelijk. Het MDI heeft uitgebreide juridische kennis op het gebied van de discriminatiewetgeving en veel specialistische technische kennis over alle facetten van het Internet en kan mede daarom online discriminatie effectief bestrijden.

Om discriminatie op het Internet zo effectief mogelijk te bestrijden, werkt het MDI nauw samen met diverse organisaties zoals Art.1, Politie, Openbaar Ministerie en verschillende buitenlandse organisaties die zich bezighouden met de bestrijding van discriminatie op het Internet. Het MDI is ook mede-oprichter van het International Network Against Cyberhate (INACH).

Stichting Magenta, Meldpunt Discriminatie Internet is een onafhankelijke organisatie, maar wordt voor haar MDI-werkzaamheden gesubsidieerd door het ministerie van Justitie en het ministerie van VROM/WWI.

Meer weten?

Bij publicaties kunt u recente jaarverslagen van het MDI downloaden
Dit is ronduit schokkend.

Het MDI neemt als vanzelfsprekend aan dat het nut heeft om 'online discriminatie' te bestrijden en tracht dit te doen zonder zich ook maar een seconde af te vragen of dit zou moeten gebeuren, zonder zich geroepen te voelen om uit te leggen waarom 'online discriminatie' bestreden zou moeten worden en zonder zich af te vragen of het wel mogelijk is om 'online discriminatie' te bestrijden omdat het nog maar de vraag is of er überhaupt zoiets bestaat als 'online discriminatie'.

Want 'online discriminatie' bestaat niet. Het bestaat niet omdat het virtueel is en omdat iedereen voor zichzelf kan uitmaken in hoeverre hij of zij zich beledigd wil voelen door een stukje tekst, een plaatje, een muziekje of een filmpje: de beslissing daarover is in handen van 'the receiving end'. Dat is iets volstrekt anders dan bijvoorbeeld ergens geweigerd worden omdat je toevallig de verkeerde kleur, het verkeerde geslacht of de verkeerde levensovertuiging hebt: dan ben je overgeleverd aan de willekeur van degenen die de ingang bewaken en dat is een criterium waar je geen invloed op kan uitoefenen. Dat is een volkomen andere situatie dan met je eigen computer op het internet een beledigende uiting tegen komen (want daar gaat het om: belediging en niet om discriminatie): op de eigen computer is men immers volledig autonoom.

'Online discriminatie' is een verzinsel en het MDI meent bestaansrecht te hebben omdat het zich bezig houdt met het bestrijden van het fenomeen dat datzelfde MDI (mede)bedacht heeft.

Bovendien ontbreekt het het Meldpunt aan objectiviteit, beoordelingsvermogen, communicatieve vaardigheid, verantwoordelijkheidsbesef en - verreweg het ernstigste voor een club die zich als zedenmeester opstelt - aan fatsoen.

Het Jaarverslag 2008 is een schriftelijke weergave van dat gebrek aan fatsoen.

Het Meldpunt Discriminatie Internet kent alleen maar slachtoffers: de zelfbenoemde slachtoffers die bij het MDI komen aankloppen om over een onwelgevallige uiting te miepen en de echte gedupeerden, de slachtoffers van de intimidaties en de juridische escapades van het MDI.